Banner
Banner
Banner
Banner
Gemeentehuis Murmerwoude PDF Afdrukken E-mail
In de raadsvergadering van 15 februari 1881, onder leiding van burgemeester Claas Wieringa, besloot de raad het gemeentehuis te verplaatsen van Rinsumageest naar Murmerwoude. Het plan van de raadsleden Viersen en Wiersma om een nieuw gemeentehuis te bouwen, maakte heel wat tongen los. Een inwoner van de gemeente bedreigde raadslid Wiersma met de woorden "Dat hem wel eens een bom voor den kop kon worden gesmeten". Hiervan is toendertijd proces verbaal opgemaakt. Bij de daaropvolgende gemeenteraadsverkiezingen besloot de Anti Revolutionaire kiesvereniging het raadslid Viersen niet meer kandidaat te stellen.
De voorstanders vonden dat Murmerwoude centraler lag. Ook al omdat de weg van Dokkum naar Veenwouden zich als een belangrijke verkeersader ontwikkelde na de aanleg van de paardentram in 1880. De grootste tegenstander van de verhuizing van de gemeentesecretarie was raadslid baron Van Sytzama. Hij deed een vergeeft beroep op de koning om de bouw te voorkomen. Ook probeerde hij de aannemer van de nieuwbouw om te kopen. Het was voor de baron extra wrang dat zijn dorpsgenoot en grote tegenstander op het politieke-, sociale- en kerkelijke vlak, schoolmeester Hjerre Gjerrits van der Veen, werd aangesteld als conciërge.

Brandmelding
Wanneer er een brandmelding op het gemeentehuis binnenkwam stonden de ambtenaren in een grote groep bij de deur om te zien waar de brandweerauto heen zou razen. Burgemeester Van der Herberg kon dat door het raam van zijn burgemeesterkamer net zien en het duurde dan ook niet lang of er klonk door het gemeentehuis: 'De brand is daar niet, heren!'. De ambtenaren zaten binnen twee tellen weer terug achter hun bureau.


Ontwerp
Het gemeentehuis werd naar ontwerp van gemeentearchitect J.N. Duijff gebouwd. Op een ruim terrein, dat later aan wegverbreding is opgeofferd, kwam een fors blokvormig gebouw te staan met de ingangspartij in het midden. Hier zou het gemeentepersoneel 89 jaar lang gehuisvest blijven. De opening vond plaats op 10 januari 1882.

Het gemeentehuis in de twintiger jaren Het gemeentehuis in 1958


In de jaren 60 voldeed het gemeentehuis aan de Kruisweg niet meer aan de minimaal te stellen eisen. Het was veel te klein, ongerieflijk en niet representatief. Raadsvergaderingen en huwelijksvoltrekkingen vonden al plaats in de 'Sprankel' in Murmerwoude. Meerdere onderdelen van de gemeentelijke organisatie waren al elders in Murmerwoude ondergebracht. Het kantoor van de gemeente-ontvanger was eerste aan huis gevestigd en later in een houten noodgebouwdje op de plaats waar nu de ingang van de Blauwhuisstraat is. De gemeente-ontvanger vond het niet verstandig om grote sommen geld onbeheerd achter te laten, hij nam het dus mee naar huis. De toeloop op het kantoor was groot omdat bijna alles nog contant werd verrekend. Onder andere het loon werd nog in loonzakjes uitgedeeld.

Verzoeknummer
Ook de medewerkers van werkgemeenschap 'Ons Belang' uit Wouterswoude kwamen hun weekloon bij de gemeente-ontvanger ophalen. Één van hen was actief als zendamateur. De gemeenteambtenaren konden bij hem een verzoeknummer opgeven, het plaatje werd dan gedraaid 'foar de mannen yn it griene hokje by de Krúswei'.

Aan de Molenweg stond het gebouw van sociale zaken en aan de Hoofdweg het gebouw van gemeentewerken. Het gemeentelijke compostbedrijf stond in de Mieden. Daar werd de in houd van de 'húsketontsjes' verwerkt tot compost. Gemeentewerken verhuisde in 1976 naar het complex aan de Paardenbloem. Vanaf de bouw van het gemeentehuis is het inwonersaantal verdubbeld en het aantal ambtenaren gestegen van drie naar zeventien.

Verplaatsing
Het besluit om het gemeentehuis tijdelijk onder te brengen in Rinsma State in Driesum viel nogal plotseling. De state schrok op uit haar dromen. Wat zou de oude baron van Sytzama verguld zijn geweest als hij dit besluit had mogen vernemen. De pogingen om een nieuw gemeentehuis in Damwoude te bouwen gaan verloren wanneer het stuk grond waarop de gemeente het oog had laten vallen verkocht wordt aan de Raiffeisenbank.